Reisverslag Tanzania
13-07-08 t/m 21-08-08

  Peponi Beach
Op zondag 13 juli passeren we de grens. Het is erg rustig en de man van de customs neemt alle tijd ons te registreren in het grote boek. In dit boek zijn nog geen lijntjes getrokken op de nieuwe bladzijde en hij doet dit zeer secuur. We kunnen met moeite onze lach inhouden en wachten geduldig af. Het duurt dus even voor we klaar zijn en dan lopen we naar immigratie. Wanneer we naar buiten lopen komen Jürgen en Esther net aanrijden. Ze hebben een paar dagen bij een Duitser geslapen die in Kenia woont. Ze zijn ook op weg naar Peponi Beach. We halen ons Tanzaniaans visum, wisselen onze Keniaanse shillingen om naar Tanzaniaanse shillingen bij een van de wisselaars die bij iedere grensovergang staan en rijden de grens over naar Tanga. De weg is niet geasfalteerd, maar in redelijke staat. In elk nieuw land gaan we bijna als eerste op zoek naar een ATM om nog wat geld te pinnen. Bij de ATM komen we  Jürgen en Esther weer tegen. We rijden samen naar Peponi Beach.
Wanneer we bij Peponi Beach aankomen, is het eerste dat opvalt, dat we niet de enige zijn. In Kenia waren we er heel weinig toeristen en stonden we vaak alleen op een camping, maar hier staan behoorlijk wat mensen. We gaan samen met Jürgen en Esther op een plek staan, waar ook een overkapping en stroom is. We staan vlak aan het strand en onder de palmen. Super plekkie!!
Op maandag 14 juli is Brenda jarig en hebben Jürgen en Esther een 'verjaardagstaart' (4 bounty's) met kaarsje gemaakt. We ontbijten uitgebreid met eieren en vers gebakken stokbrood van het villapark naast de camping. 's Avonds gaan we uit eten in het restaurant van de camping en we geven onze bestelling 's middags al door (kunnen ze alles vers inkopen: tweemaal 'Surf en Turf' (steak met gamba's en inktvis)). We brengen een bezoek aan het boetiekje van het villaparkje dat naast de camping ligt. Hier zoekt Brenda een mooie nieuwe bikini uit voor haar verjaardag. De hele dag krijgt Brenda telefoontjes en SMS-jes en na een heerlijk dinner 's avonds is het een geslaagde verjaardag.
Dinsdag gaan we met een aantal andere gasten van de camping een stukje varen met een Dhow. Een Dhow is een traditionele zeilboot waar voor de kust veel mee gevaren wordt. We varen eerst naar een plek om te snorkelen, maar daar is weinig te zien. Na het snorkelen varen we verder over de wilde zee, waardoor we beiden, net als een aantal anderen aan boord, behoorlijk zeeziek worden (en we daadwerkelijk allebei moeten overgeven). Gelukkig kunnen we op een eilandje een beetje bijkomen en een lunch nuttigen. Het eiland is een zandplaat, die tijdens eb droog valt. Na de lunch is het inpakken en wegwezen, want het wordt vloed. 's Avonds eten we met Dirk, Brigitte, Jürgen en Esther in het restaurant van de camping. We vermaken ons prima aan de kust.

Weerzien met Bruce en Sarah
Via de SMS hebben we regelmatig contact met Bruce en Sarah en aangezien zij op weg zijn naar de kust en wij komen vanaf de kust, spreken we af elkaar onderweg te ontmoeten (helaas hebben we ze in Oeganda een paar keer gemist). Op donderdag 17 juli rijden we naar Irente farm bij Soni. De weg vanaf de kust is goed, maar op de meest onmogelijke punten mag je opeens niet harder dan 50 of 30 km. Nadat we een bord van 30 zijn gepasseerd en al een tijd niets meer hebben gezien, gaan we harder rijden en worden prompt staande gehouden door een motoragent. We zijn met een moderne lasergun geklokt op 59 km. Er blijkt nog steeds een limiet van 30 km te gelden en we moeten dus een boete betalen van 20.000 TSH (ongeveer 10 euro). We betalen de boete en rijden voorzichtig verder.
We zijn om 14:00 uur bij de afslag naar Irente Farm, maar het is nog ruim een uur rijden de bergen in voordat bij de camping zijn. Het laatste stuk is erg slecht en omdat het geregend heeft ook behoorlijk glad. Wanneer we op de camping aankomen staan Bruce en Sarah er al, ze zijn de dag ervoor al aangekomen en zitten ons op te wachten met vers brood en chilli kaas van de Farm. Het is weer snel als vanouds en delen onze laatste belevenissen met elkaar. We eten samen lunch en vertellen hun het laatste nieuws over Philip.
Tegen het einde van de middag maken we de BBQ aan en komt de wijn en het bier te voorschijn. Wij hebben vanuit Tanga (Peponi) een grote Red Snapper meegenomen en een halve kilo garnalen. De snapper is erg groot en we pakken hem dus in folie en hij gaat een uur op de BBQ (of zoals onze Zuid Afrikaanse vrienden zeggen "op de Braai"). De vis is heerlijk en ook smullen we van de garnalen. Bruce en Sarah kijken erg uit naar het strand en gaan zeker ook naar Peponi Beach. We gaan laat naar bed en slapen goed ondanks dat het erg koud is op deze hoogte.
De volgende ochtend eten we samen met Bruce en Sarah een ontbijtje en gaan dan op weg naar Moshi, want morgen landen Marije en Alex. We nemen afscheid van Bruce en Sarah. Het was een heel leuk weerzien en we hebben uitgebreid bij gepraat. We zullen ze tijdens hun reis niet meer tegenkomen, maar gaan ze zeker opzoeken wanneer wij in Zuid Afrika zijn.
Als we net onderweg zijn worden we aangehouden door 2 politieagenten. We rijden 55 km per uur het blijkt hier weer 30 km te zijn. Het bord stond volgens ons 2 plaatsen terug, maar helaas. De agenten maken wat toespelingen over het betalen en of we niet iets voor ze hebben, maar we houden vol dat wanneer we te hard hebben gereden, we de 20.000 TSh moeten betalen. De agenten zeggen uiteindelijk dat we niet hoeven te betalen en zeggen ons voorzichtig te zijn. Het is ons niet helemaal duidelijk wat ze wilden, ze maakte toespelingen op een alternatieve betaling, maar deden dit heel subtiel.
Onderweg naar Moshi komen we een aantal keer dezelfde huurauto van Tough Tracks tegen en wanneer we de camping bij Moshi oprijden staat de auto daar ook. Het blijkt dat het stel de auto de volgende dag op Kilimanjaro Airport moeten inleveren. Marije en Alex hebben dezelfde soort auto gehuurd en we krijgen te horen dat ie prima is bevallen.     

Weerzien na ruim 5 maanden
Op zaterdag 19 juli gaan we eerst Moshi bekijken. We drinken koffie, checken de mail en kopen wat groente en fruit op de markt. Daarna rijden we naar Kilimanjaro Airport. Deze lucht- haven ligt precies tussen Moshi en Arusha. We zijn precies op tijd op de luchthaven, maar de vlucht is vertraagd. Wanneer we 10 minuten op de parkeerplaats staan, parkeert er een auto van Tough Tracks naast ons. De jongen in de auto pakt wat papieren, onder andere een bord waar met grote letters Alex Pouwe op staan. We gaan naar hem toe en vertellen dat we Alex en Marije komen ophalen. We lopen samen de aankomsthal in en wachten tot het vliegtuig landt.
Uiteindelijk met een vertraging van 40 minuten komen Alex en Marije door de douane! Omdat ze hun visa in Nederland al hadden geregeld komen ze als een van de eersten door de deur. Het weerzien is leuk en Marije moet zelfs een paar traantjes laten. Het was ook een lange en vermoeiende reis via Frankfurt, Addis Abeba en Nairobi. Van slapen is niet veel gekomen.
Mike van ToughTracks laat uitgebreid de gehuurde auto zien en deze blijkt van alle gemakken te zijn voorzien. Mooi zo!
Na Mike een korte lift te hebben gegeven rijden we met de twee auto's naar Masai Camp in Arusha. Een ritje van ongeveer 40 mintuutjes waar Marije en Alex meteen kunnen wennen aan het Afrikaanse landschap. We slaan kamp op bij Masai, wat nu bestaat uit 2 auto's met daktent en een grote 5-persoons bungalowtent, die Marije meteen opeist als haar eigen villa. Om even te acclimatiseren doen we die dag verder rustig aan en eten we op de camping in het restaurant. 's Avonds blijkt het echter disco te zijn en tot diep in de nacht worden we getrakteerd op muziek. Hmmm.... Tijd voor de oordopjes.
De volgende dag slaan we uitgebreid eten in bij de Shoprite, een enorme supermarkt die alles heeft. Onder andere voldoende voor de braai die we 's avonds in elkaar draaien. Taco bouwt weer een vernuftige BBQ in elkaar en het smaakt ons allemaal goed!

Tarangire National Park
De volgende ochtend pakken we alles weer rustig in een na het ontbijt vertrekken we richting ons eerste park: Tarangire. Lake View Camp, wat we hadden uitgezocht lijkt erg verlaten; we vinden het niet relaxed hier een auto achter te laten, dus besluiten toch vast naar het park te rijden. Vlak bij het park vinden we Zion Camp, waar we welkom worden geheten door Alphonse. We kunnen hier prima kamperen, en zetten de auto van Taco en Brenda vast neer, met daktent uit en de tent van Marije ook. We gaan naar Tarangire met de auto van Lex en Marije, want daar kunnen 4 personen zitten, en dat is gezelliger gamedriven dan met twee auto's (en goedkoper!). Vanaf een uur of 3 tot de sluiting van het park hebben we onze eerste gezamenlijke gamedrive. Het is leuk om met eigen auto, ongeorganiseerd het park te verkennen. Het is niet heel erg druk in Tarangire, dus je rijdt regelmatig alleen rond. We zien al meteen veel olifanten..... heel veel olifanten! Iedereen begint al meteen druk te schieten met de camera's en nog heel veel meer foto's van olifanten zullen volgen.
De volgende ochtend staan we vroeg op en om 7 uur rijden we alweer in het park. We hebben een hele goede gamedrive. We zien weer ontzettend veel olifanten! Maar het blijft geweldig, het zijn gewoon machtige dieren. Maar we spotten ook zebra's, gnoes, baboons, warthogs, waterbokken, blauwkopkippen (die heten anders, maar zo noemt Marije ze... ze hebben tenslotte een blauwe kop) en giraffen.
Maar niet in de minste plaats... een leeuwin. Zonder dat er allemaal andere auto's om heen stonden, dus helemaal alleen. We hebben haar een half uurtje gevolgd en het was mooi om haar te zien.
Wat minder was, zijn de tseetseevliegen die op sommige plekken letterlijk de auto aanvallen. Je hoort ze met z'n allen tikken tegen de ramen, die we op die momenten dan ook angstvallig dichthouden. Maar dat is op het heetst van de dag in een auto zonder airco ook niet heel prettig.
We hebben gewoon in het park onze cornflakes als ontbijt gegeten en noodles gekookt op de brander, vlak nadat de olifanten voorbij getrokken waren.
We maken de 24 uur helemaal vol en verlaten het park pas weer rond drie uur. Op de kampeerplaats relaxen we nog met een boek, draaien een salade nicoise in elkaar en gaan we nog even kijken bij de trommelaars die muziek komen maken. Ook komt de guard elke 10 minuten langs om een kort praatje te maken (het Swahili, waar Marije en Alex thuis op geoefend hebben doet 't goed) en Alphonse komt even gedag zeggen voor hij naar uis gaat voor die avond. De guard geven we ook nog een snoepje die hij maar "little nice" vond!

Mto wa mbu en Lake Manyara National Park
De volgende dag verplaatsen we ons camp weer, nu naar Jambo Camp in Mto Wa Mbu. Het plaatsje is erg toeristisch en bestaat uit weinig meer dan een hele rij souvenirwinkeltjes. Na alles weer opgezet te hebben doen we wat boodschapjes, maar worden onderwijl behoorlijk belaagd. Ook moeten we weer stevig afdingen op de kosten voor wat groente en fruit: we willen niet de Mizungu-prijs, maar de echte prijs!
Na de lunch besluiten we een stukje te gaan wandelen. We worden als we het camp verlaten meteen weer aangeklampt, onder andere door Anderson, die ons eerder ook al aansprak. Hij loopt vervolgens met ons mee en kan ons een weg laten zien, waardoor we het meer kunnen zien. Hij loopt met ons mee door de dorpjes. Veel kindjes staan naar ons te kijken en zwaaien. Uiteindelijk kwamen we uit op een plain waar we een enorm uitzicht hadden en in de verte ook het meer konden zien liggen. Het is er erg mooi! Op de weg terug gekeken bij een man die net zijn vis aan het schoonmaken was, Alex heeft een pijl gekocht bij een ander mannetje en we proeven bananenbier bij een local barretje. We danken Anderson en gaan weer terug naar huis.
´s Avonds maken we lekker zelf risotto, maar John van het restaurant komt vragen of we dan niet de volgende avond in het restaurant kunnen komen eten. Dat is eigenlijk wel een goed idee, want we gaan de volgende dag de hele dag het Lake Manyara National Park in. We hebben erg veel lol met John, die graag de hele bestelling voor de volgende avond nu al wil weten, zodat ze dat kunnen voorbereiden. En die ons alle keuzes die we hebben voorlegt, maar toch ook graag heeft dat we allemaal de zelfde keuze maken. We pesten hem een beetje door keuzes steeds te wisselen, maar hij kan er erg om lachen!
De volgende dag staan we al vroeg voor de poort van Lake Manyara NP en zijn na de Zuid Afrikanen (die naast ons stonden op Zion Camp) de eersten in het park. We gaan vandaag voor de leeuwen in bomen, een uniek fenomeen in Lake Manyara NP. We turen dan ook steevast in de bomen, maar tot onze teleurstelling spotten we er geen een. Ook geen een op de grond overigens.
Wel een hoop nijlpaarden in de Hippopool. En wederom olifanten. Lake Manyara NP is een vrij dicht begroeid park en de olifanten gebruiken daarom zelf ook vaak de weg om zich te verplaatsen. We bevinden ons op een gegeven moment dan ook achter een grote olifant die alleen is en over de weg slentert. We volgen hem ongeveer een half uur heel rustig, maar hij schijnt niet van plan te zijn van de weg af te gaan. En omdat hij op een gegeven moment toch een beetje onrustig van ons schijnt te worden, nemen we het zekere voor het onzekere en keren we op het smalle weggetje en nemen we de benen! Later moeten we nog eens keren op de weg, omdat een grote bul (mannetjesolifant) de weg verspert.
Verder schieten we nog veel mooie kiekjes onder een Apebroodboom die vol bavianen zit. Ze gooien de apebroodjes met veel kabaal op onze auto, maar het levert ook mooie plaatjes op.
's Avonds krijgen we onze heerlijke maaltijd van John en worden we getrakteerd op zang, dans en acrobatiek (de acrobatiek is Alex zijn favoriet)!

Fietsen met de Masaiherdertjes
De volgende dag besluiten we tegenover de camping terrainbikes te huren en het stuk te gaan fietsen wat we eerder gewandeld hebben. Nu kunnen we dan helemaal tot het meer komen. De fietsen zijn in redelijk goede staat en we fietsen inderdaad de vissers achterna naar het meer. De modder is echter te veel van het goede, en we volgen de vissers maar niet verder. Om een gegeven moment moeten we een riviertje oversteken om weer terug te komen. We zijn inmiddels omringd door jonge Masaikindjes die hun kuddes op de vlakte ronddrijven. Uiteindelijk besluiten we het riviertje toch over te steken, omrijden is te ver en we worden geholpen door de herdertjes. Brenda en Marije stappen gewoon behoedzaam door het riviertje, maar de mannen moeten natuurlijk weer stoer doen en besluiten met een aanloop over de rivier te jumpen. Dat levert vooral mooie foto's van Taco's jump op, die toch nog net in de rivier terecht komt.
De jongetjes die onze fietsen naar de overkant hebben gesleept zijn inmiddels aan het proberen erop te fietsen. Iets wat ze duidelijk nog niet of nauwelijks hebben gedaan. We helpen ze een beetje en houden de fietsen voor ze vast. Ze vinden het prachtig en het kost ons moeite de fietsen uiteindelijk weer te bemachtigen om naar huis te fietsen.

Ngorongoro Conservation Area
De volgende ochtend, zaterdag 26 juli, brengen we eerst nog even wat van de speeltjes die Marije uit Nederland heeft meegenomen, langs bij het weeshuisje waar we de vorige dag langsgefietst zijn. De kindjes zijn er erg blij mee.
We rijden via Karatu (pinnen, diesel en boodschappen bij 8 verschillende kleine winkeltjes) naar de ingang van Ngorongoro Conservation Area. Als we staan te lunchen voor de gate ontmoeten we weer een John, die erg onder de indruk is van de auto van Taco en Brenda. En hij wil Marije wel voor een aantal koeien kopen! We wisselen e-mailadressen uit en om haar niet te vergeten geven we hem een welpie (ook uit de verzameling knuffels die Marije uit NL heeft meegenomen)!
We rijden naar het eerste viewpoint en genieten van een spectaculair uitzicht over de Ngorongorokrater. Het is een prachtig gezicht en de verrekijkers komen goed van pas om de kuddes in de verte te zien. Vanwege tijd en geld (200 dollar voor de auto) besluiten we de krater niet in te gaan, maar alleen de Area door te rijden. We slaan kamp op bij Simba A op de rand van de krater. Het is hier koud! Terwijl Marije haar tentje op zet, komt er op maar een paar meter afstand een enorme olifant langs. Er blijkt niet ver achter onze plek een vuilnisbeltje te liggen, die de olifant regelmatig even aandoet. We vertrouwen er op dat de olifant de tent niet zomaar zal vertrappen, dus Marije slaapt gewoon in de tent.
's Avonds zitten we te klapperen met meerdere lagen kleding aan, rond het kampvuur wat Alex en Taco hebben gemaakt. We hebben bijna spijt dat we de mutsen en handschoenen hebben thuisgelaten
Rond 5 uur, half 6 de volgende ochtend grazen de zebra's rond de tent. Het is een bijzonder gezicht ze door de ochtendmist te zien lopen op een paar meter afstand.
Die dag rijden we via uitzichtpunten door naar de gate van de Serengeti. De uitzichten over de krater en de depressions zijn adembenemend, maar veel dieren zien we niet.

Serengeti National Park
Rond half 2 verlaten we NCA en rijden we de Serengeti binnen. Al gamedrivend gaan we richting Pimbi Camp, waar we die nacht slapen, binnen de parkgrenzen. Nog een mooie olifantenfamilie met 2 hele kleintjes bij zonsondergang gezien, en 6 leeuwen, waarvan 3 welpjes. We besluiten 's avonds dat we de volgende dag nog bijboeken in het park, omdat we ons anders door de Serengeti moeten heen haasten en dat is zonde.
De camping, waar je 30 dollar per persoon voor moet betalen is niks. Er is een gat in de grond voor onze behoeften en amper water, maar omdat mensen wel in het park willen kamperen, kunnen ze die prijzen vragen.
De volgende dag gaan we de hele dag gamedriven, weer met 1 auto en zien onder andere weer veel leeuws en ook 2 cheeta's, hyena's en natuurlijk.... olifanten. De volgende dag verlaten we de Serengeti door via de Westelijke Corridor te rijden. Het is een prachtig stuk, maar toch was het merkbaar dat een groot aantal dieren al is gemigreerd. Rond twee uur die middag verlaten we de Serengeti weer en vinden we vlak buiten Ndabaka Gate een camping "Serengeti Stop-Over" waar we de enige zijn. Het is dus lekker rustig en we kunnen eindelijk na dagen in het stof te hebben gereden heerlijk douchen! Misschien worden we ooit nog schoon!
De volgende dag rijden we een hele mooie rit naar Mwanza aan het Victoriameer.

Mwanza
In Mwanza rijden we eerst naar een pizzatent uit de Lonely Planet en eten daar een heerlijke pizza. Daarna zoeken we de Mwanza Yacht Club op, om te vragen of we daar mogen kamperen. Het mag en het is een heel mooi plekje, waar we over het meer uitkijken. Het doet ons een beetje aan Italie denken.
We gaan Mwanza nog even in om postzegels te kopen, wat te internetten en om de U-turn supermarkt weer leeg te kopen. We hebben weer even genoeg inkopen gedaan. Terug op de camping moet ook de was nodig gedaan worden, na al die stoffige safaridagen.
De volgende dag doen we een dagje makkie an in Mwanza. Rustige ochtend en een beetje kaartjes schrijven. Dan lopen we Mwanza in om de kaartjes te posten en langs de "boulevard" te slenteren. We vinden er een Chinees restaurant met een terras waar je over het meer uitkijkt, waar we heerlijk aan het bier en de wijn gaan met wat springrolls. Lekker gekletst over hoe Taco en Brenda het reizen nou ervaarden en heerlijk bijgetankt. Dat is goed, want we hebben een aantal flinken rij-dagen voor de boeg.

Singida en Dodoma
We hebben besloten niet, zoals eerder het plan was, terug naar Arusha te gaan, maar middendoor Tanzania te steken. Er staat niet zoveel in de gidsen over dit gebied en het is er dan ook niet toeristisch. Eigenlijk trekt ons dat dus juist wel en we besluiten van Mwanza, via Shinyanga, Singida en Dodoma naar Morogoro te rijden, waar we een project van Worldgranny zullen bezoeken. We weten niet helemaal zeker hoe de wegen zijn, maar hebben begrepen dat ze redelijk goed zijn, dus we vertrouwen er op dat we in 3 dagen in Morogoro kunnen zijn.
Het eerste traject rijden we van Mwanza naar Singida. Het is allemaal asfalt gelukkig, waardoor het ons lukt dat traject in 1 dag te doen. We besluiten op te letten of we ergens kunnen slapen, maar pas bij Singida zelf vinden we Aqua Vitae Resort en we vragen of we er mogen kamperen. Op zich vinden ze dat goed, maar de lodges zelf zijn goedkoper dan de kampeerplekken die we in het toeristische noorden hadden. We besluiten dus 2 kamers te nemen: voor het eerst weer in een bed geslapen met eigen douche en toilet. We eten lekker kip en friet in het restaurant en de volgende ochtend gaan we verder. Als we de lodge uitkomen, blijken onze auto's ook nog schoongemaakt te zijn. Dat was ook wel nodig!
Het begint goed richting Dodoma, maar na een poosje houdt het asfalt toch op. De volgende 75 kilometer blijken gravelroad. Dat haalt het gemiddelde natuurlijk omlaag en we doen er die dag dan ook langer over dan we hadden gedacht, maar we bereiken rond 16:00 uur Dodoma. We gaan op zoek naar een slaapplaats, maar ook hier zijn geen campings. Bovendien is het parlament in sessie en is er een soort congres, waardoor alle hotels en lodges vol lijken. We komen bij Robert Hotel aan en vragen of we er mogen kamperen. John, de manager, weet een beter plekje voor ons. Hij rijdt met ons mee naar een afstandse sportclub waar we op de parkeerplaats mogen staan. We doen het ermee en dwingen nog wel een ontbijtje bij het Robert Hotel af! De volgende dag rijden we door naar Morogoro.

Morogoro
In Morogoro vinden we al snel 'B'-one Lodge waar we twee kamers nemen. Ook hier zijn die goedkoper dan menig camping in het noorden. Bovendien kunnen de auto's geparkeerd worden achter de deuren. Morogoro is een leuk stadje. We slenteren 's middags al wat rond en bezoeken onder andere de markt.
's Avonds eten we naast de lodge en op de kamer zoeken we vast foto's uit voor de site. Ook leggen we via sms contact met iemand van MORETEA om er zeker van te zijn dat ze ons morgen kunnen ontvangen.
De volgende dag is Alex jarig. We hebben de dag ervoor een cakeje gekocht waar we 's ochtends een kaars naast planten, we hebben ballonnen en we hebben gezocht naar een T-shirt van Tusker (biermerk hier) maar als alternatief hebben we een tegoedbon. We zoeken er wel een in Dar. Alex is blij verrast. (Tijdens dit schrijven geeft Alex aan: zeg maar "Alex vond het apart!")
Daarna lopen we naar het postkantoor waar Furaha van MORETEA ons staat op te wachten. Voor een volledig verslag van ons bezoek aan het project van Worldgranny kun je kijken bij "Bezoek Projecten" onder het menu Worldgranny.
Rond half drie ronden we het bezoek af. Het was een hele interessante en ook enerverende dag. Maar daarmee ook erg vermoeiend. We hangen wat op de kamer, Bren en Marij bezoeken nog even een internetcafé en Taco begint aan het verslag voor de site en Alex rust even uit op bed. We lopen erg achter met het bijwerken van de site!
's Avonds neemt Alex ons mee uit eten voor zijn verjaardag bij Dragonaire's die we in de Lonely Planet hebben gevonden. Het is 3 km buiten de stad en het blijkt een vrij Westers restaurant maar wel gezellig. We eten er heerlijke Frito Misto en Bren gamba's en we krijgen zelfs een ijsje toe. Thanx Lex!!

Sunrise Beach Resort: here we come!!!
De volgende dag kopen we op de markt nog even verse groeten en fruit, en een, van een oud koffieblikje gemaakt, olielampje. Daarna zetten we koers naar Dar Es Salaam: de economische, maar niet officiële hoofdstad van Tanzania. We rijden de stad door richting ferry, want we willen aan de overkant naar het strand. We komen langs een vismarkt en Marij en Bren kopen snel nog twee white snappers en een kilo enorme gamba´s voor de braai vanavond.
In de hitte wachten we tot we over mogen met de ferry, maar als het eenmaal zo ver is, is het de moeite waard. Als we aan de overkant ongeveer 5 kilometer rijden komen we bij het Sunrise Beach Resort, een tip van Bruce en Sarah die hier een week eerder zaten.
En het was een goede tip!! Het is een paradijsje hier! We kunnen de auto´s en de tent op het strand zetten en kamperen niet ver van de branding. Het zijn echt de witte Bountystranden en de palmbomen. We nemen na het opzetten van de tenten meteen een duik in de zee en het is heerlijk water.
´s Avonds gooien we de twee White Snappers in folie op de braai en de gamba´s met lekker veel knoflook in de pan. We bestellen koude witte wijn bij het restaurant van het resort en het wordt ons op het strand gebracht! Wat een luxe ineens!
De volgende dag is een echte vakantiedag. De hele dag luieren op het strand met een boek. Het is een heerlijk plekje en het weer is fantastisch!
Alex maakt 's avonds lekker gebakken aardappeltjes en de meiden maken er een heerlijke tonijnsalade bij. This is the good life! Morgen gaan we Dar bezoeken. 

Dar es Salaam
We staan donderdagmorgen vroeg op om een bezoekje te brengen aan de stad Dar. We nemen een Dalla-Dalla (minibusje) naar de ferry en we kunnen zowaar mee. Het is de bedoeling dat we met zijn vieren op de achterbank gaan zitten, maar met 4 grote Mzungu's gaat dat niet lukken. Al snel stroomt het busje verder vol met mensen en we worden nogmaals gevraagd in te schikken. We geven aan dat dat niet kan en we wel voor 5 personen willen betalen. Uiteindelijk zitten we met 22 personen in het minibusje en bereiken we veilig en wel de boot. We slenteren wat door de stad, drinken koffie en kopen lekkere zoetigheidjes bij een bakkertje. De handicraft-markt waar ze houtsnijwerk verkopen vinden we niet. Dar is  namelijk helemaal niet zo toeristisch. We gaan even internetten om de site bij te werken en staan vervolgens drie uur later pas weer buiten (wat een trage verbinding). Een geluk hebben we, we eten onderwijl een lekkere hamburger en lossen elkaar af in het internetcafé.
Laat in de middag zijn we weer terug op de camping en nemen nog een heerlijke duik in zee. 's Avonds eten we pizza en Lex een Mexicaans gerecht met kip. We besluiten nog een nachtje te blijven en ons morgen eens goed te laten verwennen.
Op het resort is het mogelijk om allerlei massages te krijgen en daarom nemen Marije en Brenda een full body massage en de heren een back massage. Het is echt heerlijk, maar ook best een beetje pijnlijk. We relaxen op het strand en gaan 's middags souvenirs inslaan bij de diverse winkeltjes vlakbij het resort. We slagen goed en de plaatselijke bevolking is ook happy. 's Avonds eten we weer in het restaurant en smullen van een sizzling-plate met gamba's.

Kuku Kuku, waar is onze kuku?
We nemen afscheid van Joe onze 'cleaner' van het resort. Een hardwerkende en supervriendelijke man. Hij harkte elke ochtend ons stukje strand schoon. We geven hem een fooi en gaan weer naar Dar om vervolgens de weg richting Moshi te volgen. Onderweg stoppen we bij de vele verkopers om sinasappels in te slaan. In elk plaatsje zitten er verkopers langs de weg met hele emmers vol met sinasappels. We kopen een emmer vol bij een jong ventje en we betalen weer veel te veel (2000 Tsh zo'n €1,- voor ongeveer 7 kilo sinasappelen). De jongen had een goede deal gesloten, toen we hoorden dat zo'n hele emmer ook voor 1000 Tsh wordt verkocht.
We slaan ons camp op bij Green Hill rest camp (duiken kunnen we niet in deze Groene Heuvels), in het mooie en groene noorden van Tanzania. We zijn de enige toeristen en we besluiten maar weer eens in het restaurant te eten. Op het menu staat kuku (kip) met friet. We kluiven en kluiven op onze kuku (kip), maar veel vlees komt er niet vanaf. We zijn de plofkippen uit Nederland gewend, waar veel vlees aan zit. De friet met salade smaakt beter. We drinken koffie bij de tent en maken plannen voor de volgende dag.

Irente view point
Voor ons is het de tweede keer dat we de Usambaras mountains doorrijden. De eerste keer was 4 weken geleden toen we daar met Bruce en Sarah hadden afgesproken. We kamperen nu niet bij Irente Farm, maar bij Irente view point, waar het uitzicht adembenemend mooi is. We rijden de auto's achter elkaar op het terras van de camping. Een terras lager zet Marije haar tent neer. We kopen voor de lunch brood, kaas en kwark bij Irente farm (van de vorige keer weten we dat ze er heerlijk brood hebben). We eten onze lunch en genieten onderwijl van het uitzicht.
Om 13.30 uur staan we klaar voor een drie uur durende wandeling met onze gids Elias. Hij brengt ons naar een mooi uitkijkpunt. We lopen niet dezelfde route terug, Elias wandelt met ons door de verschillende dorpjes en legt uit wat er zoal door de boeren hier wordt verbouwd. Hij laat koffiestruiken zien, legt uit in welke bomen er papaya, bananen en avocado groeien. We mogen zelfs de locale sterke drank proeven die ze van suikerriet maken. We vinden het allemaal erg zuur smaken. Dus willen we het sap uit de riet ook wel eens proeven. De locale bevolking vindt het prachtig en wij ook. We persen het sap uit de stengels. Het groene mengsel smaakt superzoet en is heerlijk. We maken nog kennis met de familie van Elias en worden even in het huisje uitgenodigd. Er staat een bankstel en wat stoeltjes in het van modder gemaakte huis. Na ruim 3 uur wandelen zijn we weer op de camping.
De campingbaas Louis maakt zet het water vast op voor onze douche. En alle vier genieten we (om de beurt) van een warme douche met uitzicht. Het is niet meer dan een douchegordijn dat aan een kant open is en je een geweldig uitzicht hebt. We maken een pasta klaar en maken een begin met het persen van de sinasappels. Een heel karwei en we hebben 7 kilo te gaan.
We staan op met de wolken om ons heen. En pakken de boel in en gaan op weg naar Moshi. Nog een nachtje en dan nemen we afscheid van Alex en Marije. Zij vliegen dinsdag laat terug naar Nederland.

Laatste avondje met zijn vieren
Op onze laatste avond samen eten we in Moshi bij een Italiaans restaurant. We genieten van de voorgerechtjes en de pizza. Drinken lekkere rode wijn en praten na over de afgelopen 4 weken. Alex en Marije hebben het super gevonden. We denken ook wel dat ze veel van Tanzania hebben gezien, zowel de toeristische als de niet toeristische plekken.
Dinsdag 12 aug pakken Marije en Alex hun tassen in en ruimen de auto op. We rijden nog even naar Moshi voor een cappuccino met taart en staan om 13.30 uur op Kilimanjaro Airport. Mike van Tough Tracks neemt de auto weer mee naar Kenia en wij nemen afscheid en zwaaien Alex en Marije uit. We lopen met een vreemd gevoel terug naar onze Laro die daar in zijn eentje op de parkeerplaats staat. Diverse malen zeggen we tegen elkaar dat we het vreemd vinden om weer alleen te zijn (we voelen ons een beetje lonely).
We rijden naar Arusha en laten de olie verversen en een nieuw oliefilter plaatsen. Ook maken ze het luchtfilter schoon, waar nogal wat stof uitkomt. We kamperen nog een nachtje op Masai Camp in Arusha en vertrekken de volgende ochtend richting het zuiden.

Bankproblemen
We hebben in Tanzania een paar keer problemen gehad met geld opnemen bij de Exim Bank. De eerste keer was in Tanga, toen we net in Tanzania waren. We probeerden geld op te nemen bij de ATM van de Exim Bank, maar na pincode en bedrag ingevoerd te hebben kregen we geen geld, er kwam een foutmelding. Op de bon die we kregen stond wel het bedrag vermeld dat we gepind hadden. We vonden dit vreemd en hebben onze bankafschriften gecontroleerd en het geld was wel degelijk afgeschreven. Wij naar de bank in Tanga, maar daar konden ze ons het geld niet direct teruggeven, het moest bij het hoofdkantoor in Dar es Salaam uitgezocht worden. We moesten erop vertrouwen dat ze het uit gingen zoeken en als het klopte zou het geld vanzelf teruggestort worden (ons afschrift en bon werden naar Dar gefaxt). Na 4 weken hadden we ons geld nog niet terug en hebben we maar een mail gestuurd. Hier is gelukkig snel actie op ondernomen en we hebben ons geld teruggekregen. Daarna hebben we nog een paar keer geprobeerd te pinnen bij de Exim Bank, maar we kregen telkens een foutmelding. Gelukkig is er maar een keer geld van onze rekening afgeschreven zonder dat we het geld hebben ontvangen. We zijn nu erg alert met het controleren van onze afschriften.

Lange maar mooie rit van Arusha naar Dodoma
Op woensdag 13 augustus vertrekken we om 12:00 uur vanuit Arusha naar Dodoma. Het is ongeveer 400 km over een hoofdweg. Aangezien we tot nu toe bijna alleen maar asfalt zijn tegengekomen, verwachten we dat de weg naar Dodoma ook wel goed zal zijn. Wanneer we 100 km na Arusha, Tarangire National Park passeren verandert de asfaltweg opeens in een gravelweg. We vragen na hoe de weg is, maar krijgen geen duidelijk antwoord. We besluiten door te rijden en te zien hoe ver we komen. De weg is behoorlijk slecht en ons gemiddelde ligt op ongeveer 35km per uur. Na twee uur komen we bij het stadje Babati, dat bij Lake Babati ligt. We besluiten een plekje voor de nacht te zoeken. We volgen de borden naar 'Royal Beach Hotel' en komen bij een complex met vakantiehuisjes. We vragen of we kunnen kamperen en krijgen een mooi plekje en de sleutel van een huisje om te douchen. We hebben een mooi uitzicht,  koken een lekker potje nasi en spelen nog een potje kaart.
De weg vanaf Babati naar Dodoma wordt wat slechter. Na 3,5 uur rijden bereiken van Kondoa, omdat er op de kaart geen plaatsen meer staan tot Dodoma, besluiten we hier een plekje te zoeken. We komen terecht bij "New Geneva in Africa Hotel" (what's in a name) en nemen een kamer. Deze zien er best goed uit en na wat onderhandelen over de prijs nemen we onze intrek. We werken wat aan de site en kijken 's avonds een film op de laptop ("De scheepsjongens van Bontekoe", lekker Hollands).
Na een simpel ontbijtje (broodje jam en thee/koffie) vertrekken we. De weg wordt niet beter, maar de uitzichten des te mooier. Het is een bergachtig gebied met dan weer grove gravel, dan weer rode aarde en veel fijn stof/zand (heerlijk stofhappen dus). Het is duidelijk dat hier weinig toeristen komen, want de mensen kijken op als ze ons voorbij zien komen en de kinderen zwaaien uitgebreid naar ons. Na een kleine 5 uur rijden bereiken we Dodoma en we rijden die dag zelfs nog 4 uur verder om in Mogorogoro te overnachten.
We kamperen gratis (mits we een ontbijtje nuttigen) op de parkeerplaats van het New Acropol Hotel. Ook hier weer een sleutel gekregen van een kamer en een heerlijke warme douche genomen. Daar knappen we echt van op. We eten beef en schnitzel met friet en salade, dat heerlijk is klaargemaakt. Het toetje kunnen we niet laten staan, chocolade brownies mét chocolade saus (jamie jamie).

Grote schoonmaak op Riverside Camp
Na een uitgebreid ontbijt in het hotel rijden we Morogoro uit richting de grens. Wat ons opvalt is dat het zuiden van Tanzania echt ontzettend mooi is. Groen en heuvelachtig. Onderweg komen we de nodige verkopers tegen die tassen, hoeden en rietenmatten verkopen. Prachtig om te zien, maar te groot om mee te nemen als souvenir. We passeren al snel de Gate van het Mikumi National Park. We zijn niet van plan het park te bezoeken, maar de hoofdweg richting Malawi loopt door het park heen. Als je er doorheen rijdt hoef je niks te betalen (en is het mogelijk dat je wild tegen komt). Op de weg moeten we eerst een brandende vachtwagen passeren, we voelen de hitte langs de auto en rijden snel door. Het is een mooi National Park, want zelfs langs de hoofdweg door het park zijn drinkplaatsen voor de dieren aangelegd. En tot onze grote verrassing komen we de nodige wilde dieren tegen, olifanten, giraffen, bokkies en zelfs leeuwen. Een mannetje en twee vrouwtjes leeuwen. We rijden rustig aan en vervolgen de 50 kilometer hoofdweg door het park (toch leuk zo gratis wild spotten). We kamperen die nacht op Riverside Camp bij Iringa. Een mooie camping langs een watertje in de groene heuvels van Zuidelijk Tanzania, met hete douches en een heerlijke harde straal met veel water. We mopperen af en toe over de douches en op deze camping is de douche echt super. De volgende dag besluiten we de auto van binnen schoon te maken en de was te doen (heet water in overvloed). We zijn de hele dag druk in de weer en ook controleert Taco het een en ander onder de auto. Aan het einde van de dag komt er een zanggezelschap op de camping langs om even wat te drinken. Best leuk, maar de Tanzanianen zijn erg luidruchtig en dat merken we maar weer eens. Net voor de avond vertrekt het busje volgeladen met zangers (ze passen er net allemaal in en het busje komt met moeite in beweging). We genieten van ons pasta met kaassaus en een salade die we maken. Het koelt toch weer behoorlijk af en na wat potjes kaart duiken we de daktent in.

The Old Farm House
Op dinsdag 19 augustus vertrekken we vanaf Riverside Camp richting The Old Farmhouse. Deze plek ligt maar 60 km verderop, maar we hebben er veel goeds over gelezen en gehoord. We gaan eerst even in Iringa langs om wat inkopen te doen op de markt en een paar winkeltjes. We komen komen rond 13:00 uur aan bij The Old Farmhouse en vinden een mooi plekje met tafel en banken. We eten een broodje en maken dan een wandeling over de farm, waar bloemen, koffie en tabak wordt verbouwd. 's Avonds gaan we eten in het restaurant, één van de oude gebouwen van de farm die heel leuk zijn ingericht en zijn verlicht met kaarsen en olielampen (basic en zeer sfeervol). We eten heerlijk en nemen koffie met cake als toetje. De volgende dag blijven we op de farm.

In de schoolbankjes
Vanaf the Old Farmhouse naar de grens is net iets te ver. We besluiten voor de grens nog een nachtje te slapen. 20km voor de grens met Malawi zit nog een nieuwe camping 'Bongo Camp', dat wordt gerund door de lokale bevolking. Wanneer we aankomen worden we verwelkomt door Caspar. Caspar komt uit Denemarken, maar is getrouwd met een Tanzaniaanse en woont nu in Tanzania. Hij is met hulp van een NGO een camping begonnen, waar ook les wordt gegeven aan mensen uit het dorp. De bedoeling is geld te verdienen met de camping en dit te 'investeren' in de lokale bevolking. Caspar geeft iedere ochtend Engelse les aan een aantal dorpsgenoten en vraagt of wij de volgende dag willen aanschuiven om met zijn studenten wat Engels te praten. Dit lijkt ons leuk. Omdat de camping middenin het bergdorpje ligt, komen er twee kindjes verlegen het erf op lopen. Brenda probeert Swahili met ze te praten, maar ze zeggen niet veel terug. Later, heeft Taco meer geluk. Hij speelt met de twee jongetjes een spelletje, ze schuiven dopjes van colaflesjes naar elkaar over de vloer, ze vinden het geweldig.
De volgende ochtend eten we een ontbijtje dat in het dorp is bereid en we schuiven dan aan bij de Engelse les. Caspar heeft een paar spelletjes voorbereid en we doen een wedstrijdje met de klas. Als ze Swahili met elkaar praten, dan kletsen ze honderd uit, maar in het Engels vinden ze het maar eng en zijn ze zelfs verlegen. Het is een leuke gezellige start van onze ochtend, zeker als blijkt dat ze geïnteresseerd zijn in onze reis en de projecten die we steunen in Afrika.
Om 10:00 uur vertrekken we naar de grens waar we binnen een uurtje zijn. De formaliteiten zijn snel afgehandeld (helaas moeten we wel opnieuw de 20 dollar roadtax betalen omdat we langer dan een maand in Tanzania zijn geweest) en we zijn met een half uurtje in Malawi. Het visum is gratis! en we hoeven zelfs geen taxes te betalen.

Ruim 5 weken Tanzania
40 dagen hebben we in Tanzania rondgetrokken en we hebben het erg naar onze zin gehad. We voelden ons veilig en welkom. De mensen zijn vriendelijk en het land heeft zoveel te bieden. We hebben het hele land doorkruist en hebben genoten van de wildparken, mooie natuur, diversiteit aan mensen en het relaxen aan de mooie witte stranden.