Reisverslag Egypte
27-03-08 t/m 21-04-08

  100 maal thank you JordaniŽ
We hebben een paar dagen heerlijk in Aqaba vertoefd. De lodge/camping had een lekker zwembadje met ligstoelen. Aangezien we samen met Guy en Marleen op het campinggedeelte stonden, was het er heerlijk rustig. Overdag lekker zonnen en zwemmen, 's Avonds een potje koken met wijntje. In Aqaba hebben we een paar flesjes kunnen kopen en na een lange tijd genieten we er des te meer van. Elke avond drinken we na het eten, samen met de Belgen ook een potje thee. De verhalen over reizen, duiken, auto's deden dan de ronde. De laatste avond zelfs met een warm houtstoofje dat Guy had aangemaakt. Omdat het weer hard waaide hebben we 2 nachten niet in de daktent geslapen. We mochten in de tentjes die er op het terrein stonden slapen (met eigen slaapzak en kussen, op een doorgelegen matrasje).
Op 27 maart zijn we vroeg in de ochtend naar de haven gereden. Niemand kon ons van tevoren precies vertellen of en wanneer de boot zou vertrekken. Dus we zouden wel zien. Eenmaal aangekomen werden we naar de diverse loketten gestuurd en kregen we na 15 JD departure tax te hebben betaald de stempels en zegels in ons paspoort om JordaniŽ te verlaten. Zonder dat we wisten of we wel met de boot meekonden (dit was de procedure). Dit bleek gelukkig geen probleem te zijn en alsnog moesten we haasten want de boot zou snel vertrekken. Een dure overtocht op een veel te slecht onderhouden schip. Andere mogelijkheden zijn er niet, IsraŽl is namelijk geen optie, want dan komen we Soedan niet in. Raar hoor, want vanuit Aqaba zou het maar 50 kilometer zijn om vanuit JordaniŽ door IsraŽl, Egypte te bereiken. Er is maar ťťn rederij, dus we moesten voor een 4 uur durende boottocht zo'n 200 euris neertellen.
Met pijn in ons hart verlaten we het oooh zo mooie, gastvrije en vriendelijke JordaniŽ. Echt onvoorstelbaar hoe deze mensen je helpen, een praatje met je willen maken en je uitnodigen voor een kopje thee of eten. En zelfs een slaapplek aanbieden. Wij zeggen op ons beurt 100 maal thank you JordaniŽ!!!!!

Op Afrikaanse bodem
We zijn de meeste gevreesde grensovergang van Afrika gepasseerd. Complete chaos en voor een buitenstaander onmogelijk om te begrijpen hoe het werkt. Voor wie het leuk vindt om te lezen, hier een gedetailleerd verslag. We zijn de boot uitgereden en moesten met alle auto's in een lange rij staan en uitstappen. Een auto met scanapparatuur reed langs alle auto's om te kijken of er geen wapens of andere zaken het land binnen gesmokkeld werd. Er werden auto's uitgepikt, maar dat bleek loos alarm te zijn. Ook moesten alle auto's op een brug om te controleren of er niks onder de auto zat. Daarna naar een terrein waar we konden starten met het bemachtigen van de nodige stempels en papieren. Diverse mannetjes stormden op de auto's af, behalve die van ons, later bleek dat zij (voor een paar centen) alle papieren voor je in orde maken. Dus niet voor een paar toeristen. Brenda begon aan de (zoek)tocht en liep naar het eerste loket. Al snel kwam er een man van de toeristenpolitie om te helpen. Met hem heb ik drie uur rond gelopen van loket naar loket. Taco bleef bij de auto omdat die ook gecontroleerd moest worden (controle chassisnummer, aanwezigheid brandblussers, verboden goederen). We hadden geluk want onze auto hoefde niet uitgepakt te worden. Ze keken even naar binnen en het was al snel goed. Alle andere auto's wel, deze werden van boven tot onder leeggehaald!! Brenda had inmiddels het volgende geregeld: kopieŽn laten maken van allerlei documenten (25 EP), autoverzekering en nummerplaten (545 EP), belasting (445 EP), dessert licence (60 EP), 4x4 roadtax (10,5 EP). Gelukkig hadden we van te voren uitgezocht wat we ongeveer kwijt zouden zijn, dus dit konden we telkens controleren. Om 18.00 uur reden we, 150 euro armer, de poort uit en konden we op zoek naar een slaapplek. Na even zoeken (helaas in het donker) bereikten we Castle Beach in Nuweiba (www.nuweiba.nl). We konden op het strand slapen en gebruik maken van de douche en toilet. Echt een super mooie plek. We zijn er 3 nachten gebleven en hebben 's avonds voor een paar centen gegeten in het restaurant.

Na lange tijd weer in Dahab
We zijn weer in Dahab. Zeven jaar geleden, toen we een rondreis door Egypte hebben gemaakt, hebben we de reis afgesloten met een weekje duiken in Dahab. Voor Taco was het niet zo lang geleden, hij is vorig jaar nog met zijn vader hier geweest om te duiken. Onvoorstelbaar hoe Dahab is veranderd. Het kleine hippy dorp is veranderd in een toeristische badplaats. We staan bij een lodge/hotel op de parkeerplaats en kunnen gebruik maken van douche en toilet. Ook Olav ontmoet en hij helpt ons met het uitzoeken van een aantal zaken (Olav regelt vanuit oa. Nederland reizen naar Dahab en Nuweiba). We hebben 's avonds bij het visrestaurant Al Capone gegeten, net als zeven jaar geleden. Ook even bij Omar langs gegaan, waar we destijds onze waterpijp hebben gekocht. Hij vond het leuk dat we hem kwamen bezoeken. Hij is erg bekend om zijn goede kwaliteit waterpijpen en is zelfs gefilmd door Floortje Dessing van Yorin Travel. Hij vroeg wat we zeven jaar geleden hadden betaald voor de pijp en vertelde dat het nu een stuk duurder is (nu krijg je er wel een leuk draagtasje bij).

Heelhuids aangekomen in CaÔro
Na 5 dagen kust hebben we besloten om door te rijden naar CaÔro. We zullen hier onze visums voor Soedan en EthiopiŽ moeten halen. Het visum voor EthiopiŽ halen we in Egypte, omdat dit in Soedan wat lastiger is. We hebben de weg van Nuweiba door de woestijn naar Suez gereden. Toen we net op weg waren, kwamen we enorme rookwolken tegen. Dit bleek van een vrachtauto te zijn die midden op de weg in brand stond. De hele lading met sinasappels ging verloren. We zijn er voorzichtig omheen gereden, we voelde de hitte en de roetdeeltjes kwamen ons tegemoet. Gedurende de hele route veranderde het landschap van grof naar fijn zand, van grote rotsen tot hele uitgestrekte vlaktes en hier en daar een kleine oase. De route was goed te doen en we hebben de velen politieposten gemakkelijk kunnen passeren. Het zijn er zeker een stuk of 10 geweest en telkens vragen ze waar je vandaan komt en waar je naar toegaat. Ook een paar keer een militair kamp van de UN voorbij gereden.
En dan, zit je na een lange tocht opeens op de ringweg van CaÔro. Het verkeer raasde aan alle kanten om ons heen. Een drie baans weg verandert geregeld in een vijf baans weg. Een compleet gekkenhuis. Op de GPS de camping die net iets buiten de stad ligt kunnen vinden. Als we over de hoge campingmuur kijken kunnen we de piramides zien liggen. En, wie stonden er nog meer, Jurgen en Ista met hun motoren. Zo zie je, je komt elkaar telkens weer tegen. We zagen ze voor het laatst in Damascus (SyriŽ).
's Avonds hadden we beiden behoefte om even te bellen met het thuisfront. Dat hebben we tot nu toe maar eenmaal gedaan en dan wordt het weer eens tijd om wat stemmen te horen. Het mailen en sms-en gaat prima, maar er gaat niks boven een belletje (we zijn ook al 7 weken onderweg!!!).

Andere cultuur andere mentaliteit
Na ons verblijf in JordaniŽ is het even wennen en acclimatiseren in Egypte. Ook hier worden we gastvrij ontvangen, maar zeker in de stad is het anders. Als we wat willen kopen, is het een hele toer om tot een geschikte prijs te komen. Continu moet je afdingen en alsnog heb je het gevoel dat je veel teveel betaalt. Ook de taxi's en taxibusjes doen aardig hun best. Gisteren hadden we een prijs afgesproken van "sixteen" Egyptische ponden. Drie keer gevraagd of het echt "sixteen" was. Eenmaal aangekomen bij de camping, wilde hij "sixty" van ons hebben.  Tijdens de rit had hij al een paar keer aangeven dat hij niet goed Engels sprak. De jongen van de camping hielp met vertalen en uiteindelijk hebben we 30 Egyptische ponden betaald (ook al weet je dat de chauffeur een spel speelt). Het gaat uiteindelijk om kleine bedragen, maar het is meer het principe (30 EP = 3,5 euro). De andere kant van het verhaal is dat we vandaag gratis mee mochten rijden met een gezin. Zij stopten langs de weg van de camping en brachten ons naar de stad!!! De man, een praatgrage Egyptenaar die 2 vrouwen heeft en die net als zijn vader al ruime tijd bij de Piramides van Gize werkt, heeft zijn telefoonnummer gegeven voor als we hem nog eens nodig hadden.

Even op Nederlandse bodem
Het regelen van beide visa ging boven verwachting snel. Op dag 1 hebben we het visum voor Soedan geregeld. Eerst naar de Nederlandse ambassade voor het halen van een "letter of introduction". Na een korte controle mochten we naar binnen en waren we dus even op Nederlandse bodem. Binnen 5 minuten stonden we weer buiten, want het standaardbriefje werd direct geprint. Bij de Soedanese ambassade moesten we tot 10.00 uur wachten (om 10.00 uur gingen ze open) en na het invullen en kopiŽren van de documenten ťn betalen van 100 US $ p.p. konden we ons opmaken voor een bezoekje aan de ambassadeur (of zijn plaatsvervanger). Hij vroeg eigenlijk alleen wat we voor werk deden. Was nog wel even lachen, want toen Taco vertelde dat hij met computers werkte, reageerde een vrouw die ook in het kantoor aanwezig was. Zij was juist de computer van de man aan het repareren en kon wel wat hulp gebruiken. We werden hartelijk welkom geheten. Drie uur later konden we ons visum ophalen. Daarna nog even de bazaar in de wijk Khan el Khalili bezocht en een hapje gegeten bij het restaurant dat werd aanbevolen door de schrijver van de Lonely Planet ("the autors choice" zoals het ook wel wordt genoemd).
Dag 2 hebben we ons visum voor EthiopiŽ gehaald. Hier was het in tegenstelling tot de Soedanese ambassade helemaal niet druk. Na het invullen van de papieren en het betalen van 30 US $ p.p. konden we ook hier ons visum na drie uur ophalen.
Daarna onszelf getrakteerd op een heerlijke hamburger met friet en cola bij Hardee's (soort Mac Donalds). Terug op de camping arriveerde een andere stel met Laro. Andy en Noeleen komen uit Engeland. Zij maken een reis naar Zuid Afrika en hebben hier een half jaar voor. Via ItaliŽ, TunesiŽ en LibiŽ zijn ze naar Egypte gekomen. Zij zijn 4 weken onderweg en hebben al zo'n 8000 km gereden. Wij zijn 8 weken onderweg en hebben zo'n 7600 km gereden.

De toeristische piramides van Gize
Door Egypte reizen zonder een bezoekje te brengen aan de piramides, dat kan natuurlijk niet (ook al hebben we ze al eens in het echt gezien). Dus na een ochtendje van wassen en opruimen, zijn we in de taxi gestapt en hebben we de indrukwekkende bouwwerken bezocht. Je ziet ze al van ver boven de stad uitsteken. Het geeft een heel raar en magisch gevoel daar zo rond te wandelen. Onvoorstelbaar dat ze dit hebben kunnen bouwen. Overweldigend groot. Je moet je alleen niet te druk maken om de vele bussen met toeristen en diverse locals die je maar al te graag te paard of op kameel een tochtje willen aanbieden. Het is zelfs zo erg dat de security gards en de toeristenpolitie hier ook aan meedoen. Je mag van hun mooie foto's maken op speciale plekken, waar je eigenlijk niet mag komen omdat het is afgezet. Doe je dit, dan vragen ze hier wel wat geld voor. Na twee uur hadden we het gezien en zijn op zoek gegaan naar wat groente voor de salade die we 's avonds wilde maken. Hiervoor hebben we de grote weg verlaten en zijn we het dorpje achter de piramides in gelopen. Daar komen geen toeristen, merkte we al snel. Voor een goede prijs (zonder afdingen), hebben we groente en zelfs heerlijke zoete meloentjes kunnen krijgen.

Ruim 1500 kilometer door de woestijn
De route hebben we gewijzigd. Oorspronkelijk hadden we het idee om langs de kust naar luxor af te zakken, maar we hadden eigenlijk wel zin in de woestijnroute. Na het drukke CaÔro hadden we zin om de rust van de woestijn op te zoeken. Een mooie tocht van zo'n 1500 kilometer. De weg was goed te rijden en het is prachtig om telkens het landschap te zien veranderen. We zijn in Bawiti (Bahariya oase) geweest en hebben daar 2 nachten geslapen. Een heuse zandstorm zorgde ervoor dat we niet verder konden rijden. Er staat dan een harde wind en het zicht is slecht. Ook kan er behoorlijk wat zand op de weg liggen. We hebben die dag een warmwaterbron bezocht met water van zo'n 30 graden.
De witte woestijn was weer erg mooi, net een andere planeet. We hebben hier een nachtje geslapen. Niemand te bekennen, behalve een geel vogeltje (zie foto's). Het vogeltje was een expert in het vangen van vliegen. Hij was razendsnel en at zijn buikje vol.
Vervolgens via de Farafra oase en Dakhla oase naar Mut gereden. In het plaatsje bij een lokaal tentje genoten van een warme maaltijd (brood, linzensoep, salade, humus, rijst, kip en vlees). De mensen zijn erg vriendelijk en zijn nog niet zo gewend aan toeristen. Ze werken veelal op het land en verbouwen groente, fruit en graan. Ze hebben diverse koeien te grazen in de wei, die zorgen voor melk en kaas. De oases zijn mooi en bezitten soms wel honderden waterbronnen. Vanuit de dorpjes en ook onderweg zwaaien de mensen je vrolijk tegemoet. In Mut hebben we geslapen bij Mut Inn. Dat wil zeggen aan de kant van de weg (niet in een duur hutje). Voor een paar euro konden wen gebruik maken van de warmwaterbron, toilet en douches. Wel vroegen ze ons een formuliertje in te vullen, waarop we verklaarden dat we op eigen verantwoordelijkheid daar stonden. Ze zijn in Egypte soms panisch dat er iets met de toeristen gebeurt (vanwege de vele aanslagen die het land heeft getroffen). Zo zijn we zeker op de route weer 25 tot 30 controleposten gepasseerd. Overal schrijven ze je naam en kenteken op en vragen waar je vandaan komt en waar je naar toe gaat. We noemen dan meestal een hotel op uit de Lonely Planet en dan is het goed. Ze willen niet dat je daar gaat bushcampen (wat vervolgens wel iedereen doet). Bij het plaatsje Dush was het zelfs zo erg, dat ze aangaven dat we bij de Temple van Dush moesten/konden slapen. De verschillende politieposten werden ingeseind dat we daar zouden slapen (iedereen gerust, behalve wij, want we wisten niet wat en waar het precies was). Toen we in het plaatsje aankwamen hebben we eerst nog even gekeken bij een resort of we daar konden slapen. Dit zag er vervallen uit, maar slapen was geen probleem en de manager zou over een uur komen. Hij kon vertellen wat we moesten betalen. De politie kwam ons daar bezoeken en vroeg waar we nu gingen slapen, bij het resort of bij de Temple. We gaven aan dat we bij het resort zouden blijven. Omdat de manager maar niet kwam en we het niet helemaal vertouwde zijn we toch maar weggegaan. Dus kwam de politie ons weer achterna. Ze wilde echt weten waar we nu zouden overnachten en brachten ons naar de Tempel. Het bleek een zeer mooie plek in de woestijn te zijn, waar 2 mannen de boel bewaakte. De politie was gerust. Wij hebben er nog wat gekletst met de mannen en thee gedronken. Vergezeld door 3 honden, ons eigen potje gekookt en vroeg naar bed gegaan. De volgende morgen de mannen een kleine fooi gegeven en op weg naar Luxor gegaan.

Luxor met Italiaans tintje
Voor we naar de camping zijn gereden, eerst even boodschappen doen bij een grote supermarkt in de stad. Op de GPS coŲrdinaten van andere overlanders reden we er zo heen. Het is een supermarkt met "fixed prices" (vastgestelde prijzen), dus onderhandelen hoeft dan even niet. We hebben weer een voorraadje ingeslagen, ze hadden zelfs blauwe kaas!!
We staan op Rezeiky Camp midden in Luxor. Mooie camping waar het onderhandelen met de manager niet gemakkelijk was. Het rare is dat hij met iedereen een andere prijs afspreekt en waarom is een groot raadsel. Op de camping was het weer even bijkletsen met JŁrgen en Ista, verder was er niemand. Zij hadden 3 dagen in de woestijn geslapen en dus behoorlijk doorgereden. De volgende dag arriveerde er 9 campers uit Duitsland. De campers zijn een nacht gebleven en de volgende dag kwam er een Italiaans stel in een camper. Precies naast ons parkeerde ze hun camper. Er zat nog geen 3 meter tussen onze Laro en hun camper. We vonden het een beetje vreemd, maar ze wilde graag in de schaduw staan. Het waren Roberto en Anna, hele aardige en vriendelijke mensen. Wat bleek, ze woonden zo'n 60 kilometer van Ancona vandaan (de plaats waar wij autopech hebben gehad). We werden in de watten gelegd met Italiaanse wijn en zelfgemaakte antipasti. Ze hadden de hele camper volgestopt met lekkernijen uit ItaliŽ. Anna had in Aswan haar voet gebroken en kon eigenlijk geen kant op. In het gebrekkig Engels, Italiaans en Frans hebben we met elkaar gecommuniceerd. Op de laatste avond kwam de champagne en pannacotta tevoorschijn uit de camper.  Super lekker, hebben wij weer (hahaha). Ook Andy en Noeleen met hun Laro kwamen aan en met hun hebben we afgesproken om de boot naar Soedan op 21 april te nemen. We zullen dan ook het eerste stukje met elkaar door Soedan reizen. Lijkt ons veiliger.
Ook hebben we de schrijfster Anna van Praag en haar gezin ontmoet. Zij reist met haar man en 3 kinderen nu al een jaar door Afrika. In Nederland hebben wij destijds in een tijdschrift een artikel over hun gelezen en hun website met mooie foto's en verhalen gevolgd. Hun kleinste van 4 jaar, Doenja, kwam lekker bij ons kletsen. Een mooi en lief meisje met superblond haar. Raar om ze nu in Egypte te ontmoeten en eerst alleen via internet.
Naast met iedereen kletsen en informatie uitwisselen, hebben we ook nog cultureel gedaan. We hebben de Tempel van Luxor bezocht en de Tempel Karnak. Voor de laatste zijn we zelfs om 5 uur opgestaan. We wilde niet met honderden andere toeristen deze tempel bewonderen. Ook vanwege de warmte zijn we vroeg gegaan. De bouwwerken zijn prachtig. Immens grote pilaren en overal inscripties. Wat jammer is aan luxor, is dat je als toerist nergens kunt lopen of je wordt wel aangesproken, of je iets wil kopen of een ritje wil maken in een koets, op een kameel, met een taxi en zelfs op de fiets. Echt om gek van te worden. De koets hebben we genomen en we werden afgezet bij een winkeltje van een familielid, waar we uitgebreid konden kijken (kijken kijken, maar niet kopen). Na ruim 5 dagen hebben we weer Luxor verlaten.

Zonder konvooi naar Aswan
Het is bekend dat je sommige routes in Egypte met konvooi moet afleggen. Het rare is alleen dat het konvooi zo hard rijdt, dat niemand het kan bijhouden en het konvooi nooit in zijn geheel op de plaats van bestemming aankomt. Onze weg van Luxor naar Aswan zou ook per konvooi afgelegd moeten worden. Aangezien we daar niet zo'n zin in hadden, hebben we het geprobeerd om op eigen houtje de route af te leggen. En dat is ons gelukt. We wilde via de westzijde van de Nile naar Idfu, maar dat mocht niet. De eerste politiepost stuurde ons terug en gaf aan dat we met het konvooi moesten. Opnieuw geprobeerd via de andere kant van de Nile (via de hoofdweg) en zowaar lieten ze ons daar door. We gaven aan dat we in Idfu de tempel van Horrus wilde bezoeken en na wat heen en weer gebel via de walkie talkie, lieten ze ons door. De tempel hebben we uiteindelijk niet bezocht, omdat het daar veel te warm voor was. De temperatuur is inmiddels aardig opgelopen en het wordt al snel zo'n 40 graden. Dat beloofd wat voor Soedan, waar het nog warmer is.

Aswan en mister Salah
Elke overlander die de oostzijde van Afrika doorreist kent Mister Salah. Hij is van de Nile River Transport Company, die de overtocht regelt van Egypte naar Soedan. We hebben al via de email en telefoon met de beste man contact gehad. En hij zou een plaatsje op de boot reserveren en ook een plek op de barge voor de auto. Bij onze aankomst in Aswan zijn we even bij hem langsgegaan en hij had inderdaad plaatsen voor ons gereserveerd. Zaterdag werden we weer verwacht in zijn kantoor voor het regelen van een aantal zaken.
We staan in Aswan op camping "Adams Home", een campesite van een Nubische familie. Erg aardige en vriendelijke mensen. We hebben er de eerste nachten alleen gestaan. Later kwam nog een Engels koppel Bruce en Sarah met hun landrover. Zij rijden in een half jaar naar Zuid Afrika om er te gaan wonen. Ze komen allebei uit Zuid Afrika, maar hebben zo'n 7 jaar in Engeland gewoond (www.onewaysouth.com). Sinds zaterdag staan ook Andy en Noeleen op de camping en staan er dus 3 Laro's te wachten om de overtocht naar Soedan te maken. Gedurende de dag is het erg warm op de camping omdat er weinig schaduw is. We vertrekken dus meestal in de loop van de ochtend aar Aswan om daar bij een hotel wat te zwemmen of wat boodschappen in te slaan voor Soedan.
Op de laatste avond in Aswan hebben we met z'n zessen een felucca gehuurd om twee uur over de Nijl te zeilen.

De overtocht naar Soedan
Maandagochtend moeten we vroeg bij de haven zijn. De boot vertrekt pas om 17:00, maar de douane in de haven werkt maar tot 12:00 (typisch Afrika). De boot zal er ongeveer 17 uur over doen, maar het ponton met de auto's doet er een dag langer over. Dit houdt dus in dat we een nacht moeten slapen in Wadi Halfa om op onze auto te wachten. Alle details over de overtocht zullen we op de site zetten zo gauw we in Soedan hier de mogelijkheid voor hebben.
We zijn drie volle weken in Egypte geweest. We hebben het meest genoten van de de kust (Nuweiba en Dahab) en de woestijn met de oases (white desert). Cairo en Luxor vonden we veel te druk en te toeristisch.